Heusde kijk naar vroeger tijde

Zelfs Thuylen gaat niet samen. Was den dominee eerst uit den beek Uddel. Nu is hij als uit Garderene-ene. Uit dorre streken. En de club wast de handen, kies heden wie gij dienen zult. Dominee wilde van Gods liefde spreken. Das niet pluis. Nog voor het einde van het jaar zullen wij hem rechtspreken in het openbaar.


Heusde kijk naar vroeger tijde, toen bloeide er Roos en van der Woestijne. Stoten wij onze teen niet aan de Verhoeksteen. Welnee toen liet van Beek Verstralen. Maar als Voorden tijd geschreven is een profeet in zijn vaderstad niet geliefd, en nu is’t lichaam zwaar gegriefd. Een enkele zondaar buigt zijn knieën en roept het uit. Heere ik kan geen keuze maken!

Dan komt daar het suizen van een zachte wind. Kom maar hier mijn lieve kind, je hebt het juiste deel gekozen. Kom maar mee en kijk eens hier, toen jij smachtte naar het Levende Woord had ik reeds jouw stem gehoord. Ik zal je in herinnering brengen, het woord wat van Stralen horen deed.

‘t ging over de wijsheid van Salomo. 2 vrouwen en 1 dood kind. Het kleine kind werd aan 1 been opgetild, en Salomo sprak: haal maar middendoor! Nee schreeuwde het moederhart, laat het leven! Twee liefdevolle ogen kijken nu verlangend aan. Als je moe of belast bent kom maar bij Mij! Ik zal je rust geven. Ze hebben Mijn lichaam uit elkaar gereten. Maar ik heb het juist voor jou, gedaan. Als kind ben ik naar d’ aard gegaan. Vernederd, ende volle prijs betaald. Zie mijn armen zijn wijd open, word maar als een kind, loop maar op Mij aan. Ik weet hoe jij je voelt, een enkeling,een verloren schaap, maar daar ben Ik juist voor gekomen. Van ieder die Mijn naam belijd gaan d’ogen open. Zij gaan Mij zien zo als Ik werkelijk Ben.

Maar zij zijn zo wijs,ik spreek hun taal niet, en hun dogma’s zijn zo zuiver dat je ze nergens ter wereld zo tegenkomt. Ik zeg u, wie vader of moederliefheeft boven mij is mij niet waardig. Hun gedachten zijn slechts wat zij voor mogelijk houden.Sluitend als een wet van de menselijke natuur. Zoals u weet zijn Mijn gedachten hoger dan die van mensen.En God is Geest, en Hem moeten wij aanbidden in Geest en Waarheid.Blijft u steunen kreunen kind?

Vanuit religie naar nieuw leven.Die geboorte is echt zwaar. Maar geef het in de handen van Jezus de Middelaar.  Wat bij mensen onmogelijk is, is mogelijk bij God.Als je kiezen moest uit mensen, zul je steeds gaan in’t stof. Kies voor de Mens! Hij is dezelfde, Hij leeft! Niet alleen in oude tijden. Maar ook nu! Genade is krijgen zonder dat je er ooit iets voor hebt gedaan. Toch iets doen is niet aanvaarden dat hij alles heeft gedaan.

En als je denkt zo zijn we het niet gewend, bedenk dan hoe u Koning Alexander binnenhaalde,vrolijk juichend. uitziend naar een uitgestoken hand. Kom maar naar hem toe, hoe vies je ook bent. Hij reinigt je binnenkant. Velen malen hoger is deze Koning en door zijn Zoon reikt hij u zijn hand. Om je te brengen naar een Hemels vaderland.

Dit leerde ik van een eerste schilderles

portret schilderij

Iedere keer zoek ik een moment om weer te gaan tekenen. Maar steeds loop ik vast. Veel te druk met alles om me heen kan ik het moment maar niet pakken om weer te gaan tekenen. Vooral als kind tekende ik graag, een welkome afleiding van de saaie lessen op school. Daarom het besluit om een cursus te volgen.

Eenmaal aangekomen op de cursus, komt er een voorstelrondje. Voornaam en de verwachting die je hebt van de cursus. Wat een verademing geen grote identiteitsverhalen maar een voornaam en een verlangen.

Als ik eenmaal aan de beurt ben klinkt dat ongeveer zo: Ik ben Pieter, heb altijd graag getekend. Ben nu steeds te druk maar wil toch weer tijd gaan vinden om creatief bezig te zijn. Daarnaast kom ik meestal niet verder dan het grijze potlood of een pen en graag zou ik iets met kleur willen. Ook is het belangrijk dat ik een werkstuk in 1 avond af kan hebben. De volgende dag ermee verder gaan is niet echt iets voor mij.

Degenen die al langer meedoen met de cursus beginnen met hun werk, en de nieuwelingen worden om de beurt uitleg gegeven over wat zoal de mogelijkheden zijn.

Hierdoor moet ik even wachten. Aan mijn tafeltje zit een jongen die een licht spasme heeft en slecht ziend is. Een vrouw die stage loopt in het atelier helpt hem met zijn kunstwerk. Zo beschrijft ze uit een boek een schilderij van van Gogh. De jongen brengt hetgeen ze verteld over op papier. Het ontroert me, hoe mooi is het als je zo je tijd op kunt offeren, 1 persoon voor 1 persoon. Iemand het plaatje overbrengen wat hij niet kan zien.

De jongen blijkt het hart behoorlijk op de tong te hebben, en stelt zijn vragen als het in hem opkomt. O nee even wachten, spreekt hij zichzelf toe. Aan zijn communicatie voel ik dat hij dankbaar is dat iemand hem zo helpt en de tijd voor hem neemt.

Dan komt opeens de vraag, wat wil jij gaan doen? Ik ben zo verdiept in het samenspel van beschrijven en schilderen, dat ik opschrik. Als ik hier de rest van de avond naar mag kijken is het voor mij goed.

Maar ik moet toch echt aan de bak. De keuze valt op acryl-verf. Een oud overhemd aan en starten maar. Uit een stel kaarten met portretten van zangers en popsterren kan ik kiezen. Het advies is om te beginnen met de achtergrond in 1 kleur te schilderen en dan naar voren te werken. Dit omdat anders om het portret heen geschilderd moet worden.

Strepen of vlekken

Ik merk dat schilderen echt zo tegenovergesteld aan tekenen is. Bij tekenen zet ik de strepen en vul die aan met schaduwen. Bij schilderen maak je alleen de vlakken. Op den duur staan er zoveel vlakken dat ik niet meer zie wat nu wat is. Gelukkig krijg ik hulp, even afstand nemen dan overzie je het weer. De verhoudingen heb ik in het begin behoorlijk mis, door de schuine pose staan de ogen neus en mond in een kleine hoek.

Alleen observeren, en overnemen wat mijn ogen zien is nog niet zo eenvoudig.

Een mede-cursist heeft ervaring met tekenen en wil dit verder ontwikkelen. Hij krijgt de opdracht om met een stukje houtskool te gaan tekenen. Hij krijgt hierbij een soort brievenbus waar hij zijn papiertje in kan leggen. Vervolgens word hier een spiegel opgezet zodat hij zijn portret hier van blind over kan tekenen. In deze oefening leer je niet steeds terug te kijken naar het papier. Maar direct wat je ziet over te brengen op het papier. Daarna er zonder oordeel naar kijken.

Saulus (kind) had ook veel ervaring, hij moest ook een tijdje blind zijn om zijn oude beeld los te laten, en zijn gedachten met een nieuw beeld te laten vullen. Pas later krijgt hij de naam Paulus (gering).

De avond vliegt, en uiteindelijk ben ik best tevreden met het resultaat. Acryl kan door het snelle drogen steeds laag over laag.

Het lijkt een beetje op het leven. Iedere keer je visie een beetje bijstellen.

De Turkse ondernemer

doe het zelf winkel gesloten

Aan het einde van de dag besluit ik om nog even bij een Turkse ondernemer langs te gaan. Hij is al jaren klant , ooit in het Kraaiennest een slecht verlicht winkelcentrum wat vooral een schuilplaats was voor drugshandel, gebruikers en dealers. In dit centrum verkocht hij keukengerei, keukenzeil en gereedschap allerhande troep. Allemaal spul uit de onderste prijsklasse.

Hij deed erg zijn best en kreeg de kans een winkel in Amsterdam-Zuidoost te openen. Iets waar hij enorm trots op was en waar hij veel meer winkelend publiek binnenkreeg.

Een blije man een handelaar en iemand die altijd op zoek is, -tevreden en iemand die iedere kans aanpakt. Uitwringt misschien. Ik vind het mooi, hij is anders dan de anderen. Op Amsterdam Zuidoost kwam ik ook zijn zoons tegen. Het was destijds ramadan en ze stonden wat wazig tegen de toonbank te leunen. De tijd uit te dienen, sportschool jongens. En een van hun zou de tent van pa overnemen.

Hij kocht regelmatig muizenvallen, omdat muizen een onuitroeibare plaag bleken te zijn in deze buurt. Ook kocht hij geharde SDS boren, waarmee zijn klanten de keiharde betonnen muren in konden komen. Een man die oog heeft voor de handel naar zijn klanten luistert en zijn assortiment daar op aanpast.

Vaak als ik zijn winkel binnenliep, riep hij me naar achter. Kijk, trots wijzend op een paar pallets sanitair, een partij die voor weinig op de kop getikt was. Hoeveel heb ik er voor betaald? Ik noemde dan een bedrag, en standaard begon hij dan te lachen. Nee veel minder 500 voor alles.

En nu is hij verhuisd naar een juppen- buurt in Amsterdam. Hij heeft hard gewerkt en ik zie dat hij iedere keer weer iets aan zijn winkel toevoegt waardoor hij echt bestaansrecht heeft. In mijn ogen een echte ondernemer die gewoon door gaat, niet bang voor verandering of vernieuwing.

Ik parkeer m’n auto, 3,5 euro voor een uurtje. Ik stap uit en zie als ik wat dichter bij de winkel kom dat er 20 tot 80% korting op de ruit staat. Totale uitverkoop. Ik kijk naar binnen en zie stapels post. En denk oei dit is niet goed. Het trekt even aan me voorbij. Vader-zoon en deze situatie. Ik weet ongeveer hoe deze familie in elkaar zit. Vader altijd uiterst vriendelijk, maar ook duidelijk en scherp naar zijn zoon. Wat is er gebeurd? Heeft hij het toch niet gered. Is zijn prijs misschien te laag voor deze omgeving? Ik zal het nooit weten.

Maar ik heb voor een uur betaald en het is al over 4, dus ik kan toch nergens meer terecht. Ik besluit een rondje te gaan lopen, omdat ik wil weten hoe deze buurt in elkaar steekt.

Ik zie een Hema en een Ah, beide winkels verkopen mijn lievelingsspekjes. Maar ja, niet zo goed voor me. Koop ik ze wel doe ik het niet. Terwijl ik sta te dubben zie ik een Surinaamse vrouw de Kruitvat uitkomen. Met een boodschappen wagentje. Zo’n typisch karretje van een metalen frame een leren zak, en aan allebei de kanten 3 boven elkaar geplaatste wielen zodat je er ook nog de trap mee opkunt. Ze heeft zeker 5 megapakken toiletpapier en nog een paar tassen bij zich. Ze zet iedere keer de tassen neer en probeert zo alles in 1x mee te nemen. Moet u ver lopen mevrouw? Nee tot die halte, zegt ze met een Suri-accent. Zal ik u helpen? Is goed. Wat zal ik pakken, doe dat karretje maar. Ze loopt met alle pakken voor me uit. Schijnbaar vertrouwt ze me voldoende want ze kijkt niet of ik haar volg. Grappig vind ik het. Ik was al een halte tegen gekomen. Maar ze bedoelt een andere, en we lopen nog een stuk verder. Oeh zegt ze net op tijd, de tram komt er net aan. Ik sleur het wagentje de tram in, en zeg dat je soms iemand nodig hebt ze bedankt me, en de tram schiet voorbij.

Als ik terugloop bedenk ik dat ik wel een spekkie verdient heb. Dus loop de Ah in, bij de ingang staat een straatkrant verkoper. Als ik straks klaar ben is hij aan de beurt. Ik zoek de suikergoed afdeling en op de onderste schap tref ik ze, die gesuikerde spekkies. Een gruwel voor elke dieetist of verantwoorde groentehakselaar. Ik koop er nog een litertje Spa rood erbij om onderweg een beetje gehydrateerd te zijn. En de scholen zijn weer begonnen, waardoor de schoolartikelen 50% afgeprijsd zijn. Een mooi gevormde fineliner van Schneider kan ik niet laten liggen.

Van de 6 kassa’s zijn er maar 2 open, en de rij is enorm lang. Iedereen wacht en ik zie veel nationaliteiten. Geen bonuskaart, nee ook geen bonnetje. De bloemen zijn niet mooi genoeg voor mijn meisje dus laat ik ze gaan. Ik vind wel iets beters. Ik help de krantenverkoper wat zonder een krant aan te nemen. Die word toch niet gelezen.

Als ik buiten kom, rijd er een invalidenwagentje langs me. Het valt op de persoon een groot hoofd heeft. Als ik nog een keer kijk zie ik dat het een Siamese tweeling is. Met hun hoofden aan elkaar. De een kijkt vooruit de ander naar achter. Wow heftig, maar mooi dat ze zo toch mobiel zijn.

Iets verderop zie ik een bloemenwinkel. Kan ik u van dienst zijn, vraagt de 60+ eigenaar? Ja hoor ik zoek een bosje bloemen. Beetje veldboeket idee. Hij laat het een en ander zien. De kleine bosjes hebben wel mooie bloemen, maar de grote teveel vulling. Kun je 3 van die bosjes bundelen. Zeker zegt hij. En hij neemt ze mee achter zijn toonbank.

Wat voor wijk is dit nu eigenlijk? Ja het is een hele gemixte wijk, ik zit er nu 13 jaar. Er zaten eerst 3 bloemenwinkels en ik ben nu als enige overgebleven. De andere ondernemers dachten hun klanten op te kunnen voeden, jonge ondernemers maar het is ze niet gelukt. Ik ken de klappen van de zweep, het lukt me wel. Maar het moet ook een beetje je hobby zijn anders red je het niet.

Ik vertel hem dat ik de ijzerwaren winkel wilde bezoeken iets verderop. Die kent hij wel: Die is failliet zegt hij. Zijn zoon zou het overnemen. Maar hij had een andere baan gevonden en nu is het voorbij, over. Ik reken de bloemen af, doe er een fooitje bij en bied hem een spekkie aan. Dat is lang geleden zegt hij en zijn hand verdwijnt in m’n zak spekjes.

Voldaan loop ik de winkel uit een grote bos bloemen, een zak spek en later merk ik dat de Spa nog op de toonbank bij de bloemist is blijven staan. De zak spek is toch eigenlijk een beetje too much. Ik weet als hij mee de auto in gaat dat voor ik de afrit afga alleen de verpakking nog over is. Iets verderop zie ik jongentjes varierend in de leeftijd tussen de 6 en de 12 jaar met elkaar staan praten op een verhard voetbal veldje. Kinderen en snoep dat kan niet beter. Ze kijken vreemd op, een blanke man tussen deze donkere jongens. Wie wil er een spekkie? Ik, ik klinkt het meteen. Er komt een jongetje van rond de 11 of 12 jaar naar me toe. Hij komt vlak voor me staan en schreeuwt. Nee dat hoef ik niet, dat is haram, schreeuwt hij in m’n gezicht. Een kleine Afrikaanse krullenbol denkt hier heel anders over. Ik wil hem wel meneer. Hij neemt de hele zak in ontvangst,- eerlijk delen. De haram schreeuwer kan het niet helemaal hebben dat hij niets heeft en een ander wel. En schreeuwt niet opeten daar zit wat in, daar zit wat in.

Ik ben een beetje shocked, dan ben je zo jong en zo wantrouwend. Het is hier Amsterdam en geen dorp dat begrijp ik. Maar wow, al met al ik gooi de bloemen in de auto, start hem en groet handhaving die net hun klusje gaan doen. Op tijd en een ervaring rijker.